Geen categorie

Column Zone 5300: Waar gaan we nu echt hene?

In de gewone wereld is meten weten maar in stripland gelden andere wetten. Daar heerst het adagium ‘wat we niet weten deert niet’. Het leek me interessant om met een onderbouwd verhaal te komen over de stand van de strip, omdat die vraag zo ontzettend leeft in tekstballonnetjesland. In 2011 werd er door de leden van de Beroepsvereniging Nederlandse Stripmakers een middag aan het onderwerp gewijd en onlangs, tijdens de opening van de tentoonstelling ‘200 jaar strips’ in het museum Meermanno, sprak oud-Donald Duckvoorman Thom Roep over het beeldverhaal in de huidige context. In de tussentijd zal er ongetwijfeld veel over gesproken, vergaderd en gebrainstormd zijn, maar ik heb nergens iets concreets kunnen vinden. Wat zijn de inzichten? Wat ís de stand? Waar gaan we naartoe? Cijfers, grafieken, spiralen. Roep eens wat.

Wat ik zelf heb kunnen achterhalen is een schamel hoopje halve kennis: er zijn de afgelopen jaren geen stripspeciaalzaken bijgekomen, de strip heeft ook last van dalende boekverkopen en de crisis, en toevallig is online het meeste in torrent-formaat aanwezig, ook het Nederlandstalige aanbod. Kinderen lezen steeds minder zegt onderzoek van de UvA, maar strips zijn niet in het onderzoek meegenomen. Specifieke verkoopcijfers zijn niet voorhanden. Succesverhalen al helemaal niet.
Alleen aanbevelingen heb ik genoeg gevonden. De teneur is dat het allemaal anders moet. Striptekenaars moeten actiever zijn naar de lezer toe, er moet meer online gebeuren. Er moet geteast worden. Uitgeverijen moeten zich actiever met strips bemoeien en winkeliers moeten worden opgevoed. Stripfestivals moeten groter, langer, breder, dikker, mooier en voor iedereen zijn. De lijntjes moeten korter. Moeten, moeten, moeten: aan de zijlijn klinkt al tijden nog maar één werkwoord.

En wat gebeurt er daadwerkelijk? Bespaart u het speurwerk, want er is niets te vinden. We lopen nog steeds met een geschminckte toet door een saaie, opgedirkte beurshal om met een Asterixpop op de foto te gaan, Han Peekel is teruggekeerd op aarde om te vertellen hoe mooi het allemaal kan zijn en intussen WeTransferren we terabytes aan strips naar elkaar omdat het kan.

Alle serieuze stripprijzen sneuvelen en de gegadigden voor de Stripschapsprijs zijn allemaal al aan de beurt geweest. Als er een stripwinkel sluit, dan is het even jammer maar helaas en daarna is er Bol. Er is geen houden aan. We sjokken verder.

De Vlaamse Standaard Uitgeverij is op weg. Je downloadt een app van je favoriete strip – Urbanus, Rode Ridder, Sus en Wis, noem het maar – en vervolgens kun je gemakkelijk een e-strip voor viereneenhalve euro kopen. Dat is het wel zo’n beetje. Het internet presenteerde zich nog nooit zo gretig aan de stripliefhebber.

We wachten af en kijken naar elkaar. Intussen pakt iedereen een grijpstuiver en hoopt dat het zijn tijd zal duren. Voortrekkers zijn er niet. Er wordt vooral naar boosdoeners gewezen. Het probleem heet hunnie.

Neem ons prachtige Zone 5300. U moet er toch niet aan denken dat uw lijfblad er straks misschien niet meer is? Aan de makers ligt het niet, maar u snapt ook dat er geld bij moet. En als dat ophoudt, staan we allemaal met lege handen. En dan? Ik zie maar één oplossing: we organiseren een middag waarop we de stand van de strip bespreken. Echt serieus, dus mét oplossingen en keiharde afspraken. Iedereen die aanwezig is verplicht zich tot een daad. Dan komt het goed. En als het niet lukt, dan hebben we altijd nog een leuke middag gehad met z’n allen. En wie weet komt de schminckkist nog even op tafel. Maken we er gewoon een geinig feestje van.

 

Plaats een reactie