Geen categorie

De rest vs Amsterdam

Wat hadden de boertjes schik toen niet Ajax maar FC Twente kampioen van Nederland werd. Van Friesland tot Limburg werd gegniffeld. De supporters van NEC, die zelf met 4-0 achterstonden tegen de hoofdstedelijke grootmuilen, konden het niet laten om hard te juichen bij de 2-0 van Twente. Verbazing bij de Amsterdammers: iedereen hep een hekel aan ons. Hoe ken dat?
Ook in Groningen vonden we het maar wat grappig dat Ajax naast de prijzen greep. De regio had gewonnen van de Randstad en dat was goed, ook al waren het uitgerekend Tukkers die op een platwagen als overwinnaars door de straat werden gereden.
In de tweede aflevering van Benali in Boeken reisde de middelmatige schrijver Abdelkader Benali (“Ik kom zelf uit een arm vissersdorp en ik wilde er zo snel mogelijk weg”)  helemaal naar Groningen om met zijn collega’s in den vreemde te praten over het schrijverschap. De reis duurde Benali blijkbaar te lang, want eenmaal op de plaats van bestemming voice-overde hij mijmerend: “waarom blijven schrijvers in Groningen wonen? Waarom gaan ze niet naar Amsterdam?” Dat wilde hij weten: waarom mensen in Godsnaam niet naar het culturele epicentrum verhuizen, maar liever in het verstikkende eilanddorpje blijven wonen.
Het was de aftrap van een aflevering die nooit lekker op gang kwam. Schrijver 1 zat te snotteren boven een rood tafelkleedje in een lullige uitspanning aan een dijk. Hij was vijftig geworden en hij had zijn plek gevonden. En dat was Groningen. Benali zat hem meewarig aan te gapen. Wil je dan nooit meer weg? Nee, dit was het. Het is goed zo.
De stadsdichter van Groningen werd ronduit gevraagd of ze niet genoeg had van de stad waar nooit iets verandert. Je zit hier al elf jaar, kakelde Benali met een verbazing die net zo onnatuurlijk overkwam als het gedrag van zijn romanpersonages. Hoofdschuddend hoorde hij het aan: het is hier prima.
Met de derde geïnterviewde banjerde Benali over een begraafplaats boven op een terp. Vergezichtje, een paar open deuren over dichterlijke inspiratie, treintje in de verte en hop, op naar de volgende scene: “Ik moet hier echt even weg. Terug naar Amsterdam.” Daar vindt Benali gehoor bij Dirk van Weelden die wél is vertrokken uit Stad. Als echte vrienden rennen ze een beetje langs het water en kletsen over de achterblijvers. Amsterdam, zo besluiten ze, is het helemaal.
Het is niet vreemd te achterhalen waar de regionale wrevel vandaan komt: de arrogante Amsterdammer, zelfs als die uit een achtergebleven Marokkaans dorpje komt, vindt zichzelf een hele peer. En als zijn team onderuit gaat, ook al hebben ze 108 keer gescoord en maar 20 ballen tegen gehad, dan is dat onterecht en had de competitie geen week langer moeten duren. Kortom, je kunt tweede worden als je de beste bent.
En Benali? Die zien we voorlopig niet terug in Groningen, al heb je grote kans dat je ‘m bij de Slegte tegenkomt.

2 Reacties op “De rest vs Amsterdam”

  1. Dorien says:

    Oef, helemaal mee eens. Wat een ergerlijke aflevering. Hetzelfde gold trouwens voor die over Utrecht, waar álles werd gezien als bewijs voor het feit dat Utrecht een stad was die ‘graag macht wilde maar het nooit echt zou krijgen’. En Manon Uphoff ging maar door.

Plaats een reactie