Geen categorie

Feestje

Gisteren kwam mijn tachtigjarige buurman met de krant in de aanslag bij me aan de deur. We discussiëren regelmatig op ons stoepje over de zinnige dingen van het leven, zoals de snelheid van alles, onpersoonlijke omgangsvormen en het paradepaardje van buurman: fatsoen en beleefdheid. Hij wijst naar de krant. Of ik gelezen had dat jongeren meer hebben met 5 mei dan met 4 mei. Toevallig had ik dat inderdaad gezien. Er was uitgebreid onderzoek gedaan naar de beleving van beide dagen en de uitkomsten verbaasden mij niet. De buurman had nog wat vraagtekens. “Komt dat omdat het moeilijk is iets te herdenken waar je zelf niet bij bent geweest?”
“Dat ook”, zeg ik, “maar je kunt de uitkomsten ook anders formuleren: jongeren houden meer van muziek luisteren in het zonnetje op een festivalterrein tijdens Bevrijdingsdag, dan van in stilte te schuifelen met een ernstige blik tijdens de dodenherdenking van de dag ervoor.”
Dat vond de buurman op zich logisch. Toch probeerde ik het af te zwakken door te stellen dat ‘de hedendaagse mens in het algemeen’ niet meer zoveel moeite doet voor ernstige zaken. “Kijk maar naar de katholieken”, zei ik. “Die vieren wel uitgebreid carnaval maar het vasten dat er oorspronkelijk aan vooraf hoort te gaan, laten ze allemaal schieten.” Buurman lachen. Hij is van een andere gezindte en nog uit de tijd dat iedere club zijn eigen bakker en slager had. Uit het onderzoek blijkt een duidelijke tweedeling, volgens buurman: de herdenking is voor de ouderen, het feestje voor de jongeren. “Jongeren vieren hun vrijheid”, probeer ik nog, maar terwijl ik het uitspreek, merk ik dat ik het stompzinnig vind klinken. “En bovendien”, ga ik snel verder, “een groot gedeelte van de jongeren houdt zich wel netjes aan de twee minuten stilte.”
Een cynisch lachje volgt. “Dat klint me allemaal erg sociaal wenselijk in de oren. Eventjes je mond houden is heel wat anders dan stilstaan bij de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog.”
Ook waar. En zo staan we beiden eventjes te denken wat er veranderen of gebeuren moet. Je kunt de mensen niet dwingen, vindt de buurman, maar ze moeten wel beseffen dat vrijheid een groot goed is.
Vandaag gaan we voor het eerst echt iets met z’n tweeën ondernemen. We gaan samen bandjes kijken op het Bevrijdingsfestival. De buurman laat wel zijn gehoorapparaatje thuis, zo liet hij me onmiddellijk weten. Een vrijheid die ik hem van harte gun.

Plaats een reactie