Geen categorie

Houzee voor de Hollandsche trotsigheid

De vaste lezer weet dat het woord trots regelmatig opduikt in deze column. Het is niet alleen een van mijn meest favoriete woorden, zoals je dat tegenwoordig straffeloos mag zeggen, het is ook een van mijn fijnste gevoelens. Ik ben dan ook gezegend met een enorm gevoel van trots dat werkelijk op de gekste momenten de kop opsteekt. Ik kan trots zijn om niks. Noem een ding of ik ben er trots op. Een peer? Ben ik trots op. Elke 1-0 overwinning van Go Ahead Eagles? Ben ik trots op. De nieuwe Diahatsu? Ben ik trots op, vooral vanwege de zuinige motor. De strippenkaart? Ook. Echt, mijn trots kent geen grenzen.
En het leuke is: tegenwoordig ben ik de enige niet meer. Trotsheid is de rage van dit moment, de hype die nog wel even zal aanhouden. Steeds meer mensen ontdekken namelijk al het goede van trotsheid. En het werkt aanstekelijk, want de trots breidt zich als een militaristische inktvlek uit over ons prachtige landje, waar we met een gerust hart trots op kunnen zijn.
Maar waar bij mij de trots iets positiefs is, namelijk de aanwezigheid van iets, is trots voor de meeste mensen iets negatiefs. Het merendeel van de Moderne Trotsen is trots op dingen die er niet zijn of nooit zijn geweest. De dingen waar je volgens die lui trots op hoort te zijn, daar is altijd iets mee. Het is weg, het is verdrongen, het is verkwanseld of het is uitgeleend en niet teruggegeven. Als je ze vraagt: laat eens zien waar je trots op bent, dan staan ze met lege handen.
Als ik mijn stoepje heb geveegd, dan ben ik daar trots op. Op televisie zie ik nooit iemand zijn stoepje vegen en daar ligt volgens mij een groot gebrek: de mensen weten gewoon niet meer dat je trots kunt zijn op een schoon stoepje en dús doen ze niets aan hun stoepje. (Ik gebruik expres veel dezelfde woorden om het niet te ingewikkeld te maken) Ik moet eerlijk zeggen dat ik niet bijster trots ben op die houding.
Opvallend aan de opwaartse trend van trotsheid is dat de vurig pleitbezorgers zeggen dat we weer trots moeten worden, alsof we het ooit allemaal waren en het een paar jaar geleden zijn kwijtgeraakt, bijvoorbeeld tijdens onze vakantie in het buitenland, om maar iets te noemen. We moeten weer trots worden, want dan lost ieder probleem zich vanzelf op. Iedereen weet immers dat trots conflictoplossend werkt en dat er zonder probleem geen trots nodig is (omdat je dan trots bent op de vlekkeloze wereld waarin je dan leeft). Het klinkt misschien wat ingewikkeld, maar als je het een paar keer leest en het even op je in laat werken, dan weet ik zeker dat je het begrijpt. En dan heb je mooi weer iets om trots op te zijn.
Heerlijk. We moeten dus weer trots worden op ons land, met onze prachtige files, onze schitterende treinen die niet op tijd rijden als er herfstig gebladerte op de rails ligt, met onze bonte en heroische geschiedenis, onze superscholen waar bovengemiddelde jongeren worden klaargestoomd om onze landseer te verdedigen en natuurlijk met onze overal geroemde tolerantie. Allemaal dingen om binnenkort weer echt trots op te zijn.
Hoe? Dat maakt niet uit, zolang we onze stoepjes zelf maar niet hoeven te vegen.
Als iemand die al een leven lang met zijn overmatige trots rondloopt, heb ik natuurlijk al menig uurtje nagedacht over onze toekomst, zeker nu trots zijn intrede in de gemiddelde mens heeft gedaan. Ik bedacht me dat we eigenlijk iemand zouden moeten hebben die ons de weg wijst, iemand die onze trots aanwakkert en iemand die voor ons in de bres springt als dat nodig is. Jij zegt nu: ‘Maar dat zijn drie wensen, dat kan nooit!’ En dan zeg ik: ‘Tuurlijk kan dat wel, want als je wel een naar de reclame hebt gekeken, dan weet je dat een Kinder Verrassingsei drie wensen in één is.’ En het kan heel goed dat er uit zo’n ei een leider te voorschijn komt. Die mazzel kun je afdwingen.
Zo’n leider wordt iemand om trots op te zijn. Hij zal het gat opvullen van charismatisch leider die de landstrots kan ombuigen tot daadkracht. Vlammen met Holland! We zijn allemaal aandeelhouders van dezelfde BV, dus handen uit de mouwen alstublieft, zo’n type.
Vraag is alleen nog even wat voor soort leider het moet zijn. Hij moet betrouwbaar zijn, een zeker overwicht hebben waardoor mensen niet gaan zeuren, hij moet er leuk uitzien, want tja, de X-factor is nu eenmaal heel belangrijk, en hij moet goed uit zijn woorden kunnen komen. Niet van die politieke prietpraat. Hij moet humor hebben en de mensen kunnen inspireren. Een borstvooruit-type. Het wordt een hele klus maar ik weet zeker dat we een geschikte vent zullen vinden. En laten we een vrouw niet bij voorbaat uitvlakken.

Plaats een reactie