Geen categorie

Oude wijn

Alsof Julio Iglesias ieder moment kan binnenstappen, zo blijgespannen is de zaal in afwachting van de Canadese onderwijshervormer Michael Fullan, die op uitnodiging van staatssecretaris Sharon Dijksma komt vertellen hoe hij het onderwijs in de veenkoloniën wil gaan aanpakken. Het taal- en rekenonderwijs loopt daar namelijk behoorlijk achter en Fullan komt de boel van de ondergang redden. Tenminste, als hij de meute in de zaal enthousiast kan krijgen voor zijn verhaal. Voor mij zitten twee juffen, die het allemaal ‘eerst nog wel eens willen zien.’
“Ik hoop niet op van die Amerikaanse toestanden”, zegt de ene.
“Ik ga zeker niet iedere ochtend het volkslied zingen”, zegt de ander.
Dan komt Fullan binnen en begint hij een verhaal over het taalonderwijs. Dat is het belangrijkste. Als dat verbetert, leren de kinderen beter.
“Dat kan ik zelf ook bedenken”, zegt de ene, die niet bijster onder de indruk lijkt van de goeroe.
“Inderdaad”, beaamt de andere, “dit verhaal klinkt me als oude wijn in de oren.”
“De deuren van de klaslokalen moeten open”, stelt Fullan. “We moeten van elkaar kunnen leren.”
“Ha”, smaalt de ene, “als ik de deur openzet, ben ik de kinderen kwijt. Hoe wil meneer de onderwijsspecialist dat oplossen?”
“Precies! Met de deur open wordt het een grote apenkooi op school”, zegt de ander.
Ze hebben duidelijk nog niet veel vertrouwen in ’s mans aanpak, en dat neemt nog verder af als Fullan vertelt dat de resultaten van de kinderen op kleurige papiertjes op de muur moeten worden geprikt. Zo zie je in één oogopslag wie goed bezig is en wie niet. Dat vindt hij belangrijk. Het motiveert.
“Zie je”, zegt de ene, die het nu helemaal gehad heeft met Fullan, “Amerikaanse toestanden. Het gaat alleen maar om presteren presteren presteren.”
Dat vindt de ander ook. “Het moet ook over andere dingen gaan.” Ze denkt even na. “Andere dingen zijn minstens zo belangrijk.” Dat vindt de ene ook. “Je komt niet alleen op school om te presteren.”
De twee wijze dames laten gemakshalve in het midden wat er nog meer van belang is. Het zal je juf maar wezen.
Als Fullan klaar is met zijn verhaal, staan de twee leraressen op. Ze zuchten. “Ik hou mijn hart vast”, zegt de ene. “Waar haal ik de tijd vandaan?” zegt de ander, “en hoe leg ik het de klas uit?”
“Geen idee”, besluit de ene, “ze begrijpen sowieso al niets.”

Plaats een reactie